Ton Henzen

...Ondertoon

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Fout
  • Fout bij laden feed data.

Fluittoon in het universum

E-mailadres Afdrukken
Het bericht dat Willem Bekius was overleden kwam maandag tot m`n verdriet niet eens onverwacht. Hij heeft jaren tegen kanker gevochten. In de telefoongesprekken die ik af en toe met hem voerde, klonk hij onveranderd strijdbaar en optimistisch. Hij bleef ondanks de beperkingen die zijn ziekte hem dicteerde die levensgenieter en de man die met humor naar de wereld keek. Enkele weken geleden vertelde zijn vrouw Greetje Bijma dat Willem was opgenomen in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis. De laatste berichten waren dat hij in een hospice was opgenomen.

Willem Bekius was een uitstekende journalist en na zijn journalistieke loopbaan een even gedreven als sympathieke docent geschreven pers. Hij begeleidde tal van studenten die bij ons op de redactie stage liepen. Willem las de Meppeler Courant. Hij volgde zijn stagiaires op de voet.

Hij was een journalistieke deskundige, een ervaren vakbroeder die niet alleen praatte over ons dagelijks werk, maar er ook over schreef. Onder het motto `stuk voor stuk, stap voor stap` behandelde Willem Bekius in een boek veertien journalistieke genres, waaronder het nieuwsbericht, het portret, de reportage, het achtergrondverhaal en de column. Van elk genre besprak hij de algemene kenmerken. Vervolgens zette hij aan de hand van het journalistieke stappenplan op een rij wat er moet gebeuren om een stuk in het onderhavige genre tot een goed einde te brengen.

De toekomst van de krant wordt onder meer bepaald door de mate waarin goede verbindingen tussen journalistiek en publiek en tussen burgers onderling worden gelegd. Daarin speelt de krant een eminente rol. Een rol die de krant in staat stelt te overleven. Waar geen interesse bestaat voor de samenleving als geheel bestaat ook minder belangstelling voor nieuws. Een op de publieke zaak gerichte pers is hard nodig om een democratische cultuur in stand te houden. Civiele journalistiek heeft een maatschappelijke doelstelling. Dat vraagt een grote publiekgerichtheid.

Over civiele journalistiek heeft Willem Bekius veel geschreven en gesproken. Eind jaren tachtig was de journalistiek in Amerika erg toegespitst op wat er in de hogere kringen gebeurde. Wat er in het Witte Huis gebeurde, de Senaat, het bedrijfsleven. Wat er toen gebeurde, was dat de normale mensen de kranten niet meer gingen lezen, want er stond niks in over hen of voor hen. Een paar journalisten hebben dat juist doorbroken door te kijken wat de mensen beweegt en vanuit die optiek zijn ze gaan schrijven. Verhalen over de directe leefomgeving van mensen, over henzelf. Verhalen waar ze direct wat aan hebben. Hij vond dat wij het met de Meppeler Courant zo gek nog niet deden. Jullie staan heel dicht bij de mensen, bij de lezers, zei hij dan. Dat was een welgemeend compliment. Uit zijn mond nog wel. Een kenner.

Soms kwam ik hem, inwoner van de Wijk in de Meppeler binnenstad tegen. Als vader met twee jonge kinderen, Lamyk en Doeke. Vijf jaar geleden vertelde hij voor het eerst dat hij kanker had. Hij vertelde er nuchter over, zonder paniekerigheid of opgejaagd emotioneel. Gewend als hij was zorgvuldig te formuleren, zette hij in korte gesprekken de zaken helder op een rij.

Ik stelde me toen al dat jonge gezin voor, echtgenote Greetje met haar eigen glanzende zangcarrière. De angst die ik me scherp voor de geest kon halen dat je je jonge kinderen niet ziet opgroeien.
Dat schrikbeeld verdween in zijn optimistisch levensgevoel na iedere opname, bestraling of operatie. Dan pakte Willem de draad van het leven weer op. Naar iedere dag waarop de bloedwaarden werden gecontroleerd, moet hij met angst en beven hebben toegeleefd, maar uit zijn betogen klonk een vastberaden rust door, een vertrouwen dat het uiteindelijk goed zou komen. Dat was geen rookgordijn voor de buitenwereld, daarvoor klonk zijn stem te naturel. Hij was niet aan het acteren of zich aan het forceren.

Op de kaart - ik vind rouwkaart zo`n misplaatst woord - op de gevouwen kaart met op de voorkant een ingetogen schilderij van Janny Bruinsma, is de laatste episode van het leven van Willem Bekius op een wijze verwoord die hem helemaal recht doet, denk ik. In deze zinnen worden zijn persoon en de manier waarop hij in het leven stond weerspiegeld.

ik droom van mijn geworstel
dat vruchteloos is
ik droom van de stilte
want het bellen is opgehouden
ik droom dat ik in slaap val
en weer wakker word....

Wat zou dat mooi zijn. Als je ziek bent en je gaat slapen en de volgende ochtend - er is geen bestraling, geen medicijn en geen operatie aan te pas gekomen - voel je dat de kracht is teruggekomen. Je staat op en je kunt weer op eigen kracht naar de badkamer lopen. Je ziet alles weer scherp, die dodelijke vermoeidheid is als sneeuw voor de zon verdwenen. Je hoort de kinderstemmen in de belendende slaapkamers en je kunt er fluitend heenwandelen, ze tot hun grote verrassing en blijdschap oppakken en kussen. En naar beneden waar je vrouw in stilte theezet, roep je: ga maar zingen, ik voel me herboren. En een prachtige stem schalt als een helder en feestelijk licht door het hele huis.

Dat heeft voor Willem niet zo mogen zijn. Zijn vrolijke gezicht met dat donkere haar staat in mijn geheugen geëtst. Ik zie die stralende, gelukkige vader met een jong kind in een buggie naar de geparkeerde auto lopen, stilstaan en een praatje maken. Die jongensachtige vrolijkheid, het joyeuze armgebaar waarmee hij door zijn haardos strijkt. Ik zie Willem en Greetje in de stad, een prachtig stel, voor altijd aan elkaar geklonken. Het lag zo voor de hand te zeggen dat er muziek in hun relatie zat, maar je kon als het ware hun liefde voor elkaar en hun kinderen beluisteren. Alsof er heldere tonen boven hun hoofden altijd met hen mee op weg gingen.
Een scherpe fluittoon klonk maandag door het universum. Het was na jaren weliswaar een solitaire toon, die duidelijk maakte dat Willem zich fysiek had losgemaakt van de wereld, maar dat beeld dat van hem bestaat, is nog steeds zó innig en harmonieus.